We hebben het de laatste tijd veel over de dood, mijn vriend John en ik. Het is niet anders maar ook wel weer fijn dat het nog kan. Wat wil je? Cremeren? dan heb je het nooit meer koud. Een happy ending misschien? Of doen we een laatste rondje over de Poel en trek ik midden op de plas de stop eruit. Heb je nooit geen dorst meer. Nooit geen is altijd hé, ik hoor het hem zeggen.
Jij hebt het allemaal al opgeschreven he, je eigen uitvaart. Hij doelt hier op een stuk wat ik ooit in het boek, Spruitjes en andere Ongemakken heb geschreven. Tja dacht ik, die moet ik misschien even herzien voordat deze passage al te letterlijk woord genomen. Al bladerend door het boek kwam ik de ene na het andere ongemak tegen en kwam zelfs een stukje tegen dat ik dacht, hoe wonderlijk kan het leven toch lopen. Met een grijns las ik de passage en kwam tot de conclusie dat er eigenlijk geen donder was veranderd. Snel door bladeren naar mijn uitvaart voor wat aanpassingen.
Terwijl ik dit schrijf luister ik naar een lijst van mijzelf op spotify die dan ook gedraaid zou moeten worden. 105 nummers, 8 uur en 7 minuten ha ha, heeft u even? Je zou er zelf bij willen zijn. Maar nee, dat moet ik natuurlijk een klein beetje bijstellen, al is het wel een prachtige muzikale lijst.
Niet dat ik plannen heb, verre van dat. Maar besef mij wel degelijk dat het ineens als een razende kan gaan. De autist in mij wil het dan wel punctueel geregeld hebben natuurlijk. Maar eerst mijn grote vriend helpen om zijn laatste tijd zo humaan en zorgeloos door te zien komen. Doen wat je doen kan, en ook weten wanneer je teveel bent. Misschien kan hem mijn laatste boek nog laten lezen waar hij ook weer de hand in heeft gehad met zijn ongezouten commentaar.
De muziek is prachtig, de zon schijnt heerlijk, maar het leven is af en toe zwaar kut.